Veel om handen

Mijn vingers jeuken om wat te doen, maar ik moet mijn handen thuis houden. Het zit zo: ik zat met mijn handen in het haar en toen viel ik. De vinger Gods sprak direct. En ik kon op mijn vingers natellen dat het mis was. De heelkunde-arts kon door de vingers zien wat er gebroken was en stak zijn handen daarvoor in het vuur. Vervolgens hield hij ze meteen onder de koude kraan waardoor er daarna alleen nog maar nattevingerwerk werd toegepast. Mijn middenhandsbeentje was gebroken en klopte als een zwerende vinger. De heelkunde-arts zei dat ik mijn handen dicht mocht knijpen, wat natuurlijk niet lukte. Daarbij legde hij zijn vinger op de zere plek, de sadist.

Hij vroeg of het een ongeluk was en in eerste instantie wilde ik mijn hand in eigen boezem steken, maar de knoopjes van mijn blouse kreeg ik niet los. De arts streek met zijn hand over zijn hart en liet het gipsen aan een verpleegkundige over. Die greep het met beide handen aan en ik legde hem geen vingerbreed in de weg. Hij wond mij om zijn vinger. De sukkel, zo zaten we aan elkaar vast. Ik probeerde nog een vinger in de pap te houden, maar toen ik mijn vingers erbij aflikte, bleek het gips te zijn en geen pap.

De arts stelde voor een vinger aan de pols te houden. Dat deed ik van de hand. Ik heb liever vingers op de plek waar ze horen.

Maar goed, ik ben aan de beterende hand. Onhandig is het wel!

  • 26
    Shares

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *